EU-parlement stemt over toekomst kebab

Het Europees Parlement stemt vandaag over de toekomst van het broodje kebab. De parlementsleden spreken zich uit over de toegevoegde fosfaten in kebabvlees, omdat die gezondheidsrisico's zouden inhouden. 

In de fabrieken voegt men fosfaten toe aan het kebabvlees, om de stukken vlees bij het ontdooien aan elkaar te houden en het vlees ook sappig te houden. In principe is de toevoeging van fosfaten aan vlees verboden, maar op die regel bestaan heel wat uitzonderingen. Voor hamburgers en braadworsten werd bijvoorbeeld wél expliciete toestemming gegeven om die fosfaten te gebruiken.

Voor kebabspiezen geldt die uitzondering niet, maar toch voegen al veel fabrikanten nu al fosfaten toe aan het vlees. De Europese Commissie wil die toestand nu regulariseren en een officiële toelating geven.  

Algemeen verbod
Een aantal Europese parlementsleden is dat voorstel van de Europese Commissie niet genegen. Zij pleiten voor een verbod, onder meer omdat enkele studies betwijfelen dat die fosfaten geen gezondheidsrisico's zouden inhouden. Zo zou de consumptie van fosfaat gelinkt kunnen worden aan hart- en vaatziekten. 

De Europese Autoriteit voor de Voedselveiligheid is zelf een onderzoek gestart, maar die resultaten zijn nog niet binnen. De Europarlementsleden die bezwaar hebben ingediend, willen die resultaten eerst afwachten vooraleer ze instemmen met de uitzondering. 

Geen verbod op kebab
De stemming gaat niet over het verbieden van kebab, maar wel over het vrijhouden van kebab van twijfelachtige stoffen. Een eventueel verbod kan wel grote gevolgen hebben voor de kebabindustrie, net omdat veel kebabzaken die bevroren verticale vleesspiesen kopen. "Maar er bestaan alternatieven voor deze fosfaten, dus het is gewoon een kwestie van de omschakeling te maken", zegt Europees parlementslid Bart Staes aan VTM NIEUWS. 

De stemming vindt deze middag plaats. Om het verbod te laten gelden, is een versterkte meerderheid nodig. Dat wil zeggen dat meer dan de helft van alle Europese parlementsleden voor het verbod moet stemmen, en niet meer dan de helft van de aanwezige parlementsleden.